
Backstage Only © 2007-


Susteams brengen rust in centrum
door Paula Pols. maandag 15 februari 2010 | 00:30 | Laatst bijgewerkt op: maandag 15 februari 2010 | 14:15
OOSTERHOUT -
Twee teams van elk twee speciaal getrainde beveiligers, die bij dreigende escalaties
zorgen dat de boel niet uit de hand loopt.
"Eej, zijn jullie 'sussen'?", vraagt een
als bloem verklede carnavalsganger als L.S. en C. v. R. van beveiligingsbedrijf
Backstage Only door de Klappeijstraat in het centrum van Oosterhout lopen. "Jullie
zien er in ieder geval wel hetzelfde uit", grapt een andere bloem, wijzend naar de
uniformen van de beveiligsters.
"Dat is het leuke van dit werk", zegt L.S.. "Je werkt met mensen; je maakt een praatje
met ze, ze krijgen positieve aandacht van ons en dat is vaak precies wat ze nodig
hebben."
Voordat ze 's avonds de straat opgaan, heeft L.S., operationeel manager Backstage
Only en initiatiefneemster van het Horeca Interventie Team, de leden van de teams
gebriefd in hun kantoor in theater De Bussel. Dan is het tijd om op pad te gaan.
Met portofoons op zak, kogelwerendevesten aan en oortjes in gaan de beveiligers richting
Klappeijstraat.
Dat is vanaf De Bussel amper 150 meter lopen, maar op dat kleine
stukje worden de sussers al om de haverklap aangehouden door carnavalvierende Kaaiendonkers.
Er worden handen geschud, armen om schouders geslagen, praatjes en grapjes gemaakt.
Een opgeschoten knul komt met uitgestoken hand op L.S af. "Alles goed?", vraagt hij.
"Alles goed met u. Met jou ook?", is de wedervraag, onmiddellijk gevolgd door: "En
ga je je een beetje netjes gedragen deze carnaval" "Ja, natuurlijk mevrouw, u weet
toch", en vrolijk steekt de jongeman zijn hand op om te verdwijnen in het feestgedruis.
"Die ken ik nog van toen hij zo was", en L.S. houdt haar hand ter hoogte van haar
middel. "Van die jochies, die zich in het jongerencentrum en op de ijsbaan al niet
wisten te gedragen. Die gaan nu hier stappen. Ze zijn allemaal ouder en ook een stuk
groter geworden. Maar ze kennen ons en weten precies tot hoever ze kunnen gaan."
Want dat is wat de susteams doen: grenzen stellen. Met een rustige, gemoedelijke
maar wel duidelijke houding: tot hier en niet verder. En dat blijkt te werken. Als
een groepje jongemannen met bierflesjes in de hand op straat staat te drinken, spreken
L.S. en Van R. de heren daar vriendelijk maar resoluut op aan. Geen glas op straat,
want daarmee kun je iemand lelijk verwonden. Vandaar dat in de kroegen ook bier wordt
geschonken in plastic glazen.
"Maar ze zijn al leeg", verweert de groep zich. Op
één flesje na dan; dat wordt door L.S. onder zachte dwang geconfisqueerd en even
later bij café De Beurs afgegeven aan kastelein Cor Hooymayers, die toevallig net
zijn neus buiten de deur steekt.
Even verderop, op de Markt, staat een jong stelletje.
Ze hebben ruzie. Hij schreeuwt tegen haar en grijpt haar bij de arm. Van R. en L.S.
houden het tweetal van een afstandje in de gaten. "We grijpen nu niet in, want dat
kan wel eens averechts werken", zegt Van R. "Bovendien is onze aanwezigheid vaak
al genoeg om mensen te kalmeren." Ze heeft gelijk; ingrijpen blijkt niet nodig.
Terug
in de Klappeijstraat. "Jij loopt ook voor lul", roept een jonge, ietwat beschonken
kerel tegen L.S.. "Ja, maar niet zo erg als jij", wordt de bal teruggekaatst. Zijn
vrienden lachen hem uit en slaan hem op de rug. De jongeman neemt het sportief op
en met een 'Auf Wienerschnitzel' lopen hij en zijn kornuiten weer verder. Het wordt,
zeker weten, een gezellige én rustige carnaval in Kaaiendonk.
